Niemand schrijft ze beter dan Kerr. Berlijn 1934. De nazi’s zijn anderhalf jaar aan de macht en de stad bereidt zich voor op de Olympische Spelen van 1936. Sinds zijn gedwongen ontslag bij de politie is Bernie Gunther als privédetective in dienst van het beroemde Adlon hotel. Hier raakt hij na de ontdekking van twee lijken, dat van een zakenman en een Joodse bokser, betrokken bij de activiteiten van twee hotelgasten. De een is een linkse journaliste die Amerika wil bewegen de Spelen in Berlijn te boycotten; de ander een Duits-Joodse gangster, die de Spelen wil gebruiken om zichzelf en de maffia te verrijken. Bernie komt op het spoor van een veelomvattend netwerk, dat uit is op de grote sommen geld die de nazi’s bereid zijn te spenderen om daarmee het ‘nieuwe’ Duitsland aan de wereld te kunnen tonen. Het is een complot dat zijn effect pas twintig jaar later sorteert, in het Cuba van voor de revolutie.
Philip Kerr (1956) werd geboren in Edinburgh, en woont met zijn gezin in Londen. Zijn vaste hoofdpersoon Bernie Gunther maakte zijn eerste opwachting in de Berlijnse trilogie. Kerr schreef vervolgens De een van de ander, Een stille vlam en Als de doden niet herrijzen, die met prijzen en lof werden overladen. Zo werd De een van de ander in 2007 door zowel de Volkskrant als NRC Handelsblad verkozen tot beste thriller van het jaar; weekblad Vrij Nederland verkoos Als de doden niet herrijzen in 2010 tot VN-thriller van het jaar. In 2013 verschijnt zijn nieuwe thriller De man zonder adem. Alle Bernie Gunther-thrillers zijn gebaseerd op werkelijke gebeurtenissen.
Meer over deze auteur…